Februari was mijn crashmaand. Die kwam na maanden van hard gaan. Té hard, blijkbaar. Maar ja, wist ik veel. Ik bleef doorgaan, omdat ik blijkbaar door kón blijven gaan. Tot februari had ik geen uitvalsverschijnselen. Ik voelde wel constant een laag niveau van stress, maar ik was er ook van overtuigd dat dat niet klopte, want het voelde niet alsof ik veel heftige dingen deed.
Mijn dagen zaten wel vol met to-do’s, maar alles wat ik deed, was leuk en voor eigen gewin.
Zo was ik acht maanden daarvoor begonnen aan een fitnesstraject met een coach. Dat betekende vier dagen per week sporten, waarbij ik ongeveer anderhalf tot twee uur in de sportschool doorbracht. Sommige weken deed ik daar ook nog vier keer 45 minuten cardio bij, vóór het ontbijt, gevolgd door krachttraining na het ontbijt. Ik maakte dagplanningen van ochtend tot avond, inclusief alle andere dingen die ik nog moest doen.
En dit waren mijn ‘rustdagen’, want op de andere drie dagen werkte ik. Verder zette ik dagelijks 10.000 stappen, en sommige weken zelfs meer. Ik trackte de calorieën van elke maaltijd en at vijf maaltijden per dag.
Elke dag moest ik natuurlijk ook voor Mochi zorgen. Omdat ik in Haarlem werkte en in Utrecht woonde, kwam daar vaak ook nog anderhalf uur reistijd bij. Soms bleef ik bij mijn moeder slapen, wat betekende dat ik voor die dagen al mijn maaltijden moest preppen en meenemen.
Daarnaast waren er natuurlijk nog het huishouden, mijn sociale leven en alles waar ik ‘ja’ op zei als iemand iets van me vroeg. Want dat was voor mij hoe je vriendschappen en connecties behield. Als iemand je om een gunst vraagt, betekent het dat diegene je waardeert en je ziet. Voor wat je kunt, niet zozeer voor wie je bent. Maar dat verschil kon mijn autistische brein toen nog niet maken.
Ik sliep prima: mijn gebruikelijke negen à tien uur per nacht. Ik had geen acute stressmomenten en dacht daarom dat het prima ging. Alles was ingecalculeerd en van tevoren uit bedacht. En als kers op de taart kon ik uitkijken naar maart, want dan ging ik lekker chillen op Curaçao.
Ik had december vrijgenomen om me volledig op fitness te kunnen richten. Maar tijdens mijn fitnesstraject zei mijn coach dat ik beter nog twee maanden kon doorgaan om het doel te behalen dat ik voor ogen had.
Ik merkte dat die schakeling mentaal maken iets deed met me.
Ik voelde aan mijn lijf dat het traject al impact had gemaakt. Maar natuurlijk ging ik na december gewoon nog twee maanden door. Alleen begon doorgaan, nóg harder gaan en daarnaast ook gewoon werken, te veel te worden. Het werd steeds lastiger om alles op niveau te houden.
‘Er zijn alleenstaande ouders met een fulltimebaan die dit ook doen. Ik ben single, heb alleen een hond, dus dit moet mij sowieso ook lukken.’
Zo sprak ik mezelf dan toe. Mezelf continu vergelijken met anderen die ogenschijnlijk een drukker leven hadden, ik pushte mijzelf steeds verder en verder.
EN VERDER
Ik besloot ook maar te stoppen met mijn anticonceptie. Als ik toch bezig was met alles rondom mijn fysiek en een gezonder leven, dan kon dit er ook nog wel bij.
Ik vond dat ik de mentale struggles die bij het stoppen kwamen kijken dan ook maar meteen moest leren overwinnen. Onoverwinnelijk. Ik kan alles waartoe ik mezelf zet. Dat dacht ik en zo voelde ik me ook.
Ik hielp mijn moeder met het opzetten van haar onderneming en was voor mijn zus bezig met alles omtrent het wijzigen van onze achternaam. In december kreeg ik te horen dat ik in 2026 mijn huis uit moest. Het hoefde niet per direct, maar de impact die dat nieuws op me had, voelde alsof het morgen moest gebeuren.
Financieel ging het wat minder. Iets te veel vrij genomen, oeps. En weten dat je op zoek moet naar een ander huis terwijl je er financieel niet sterk voor staat, voelde ook niet bepaald chill.
Het gevoel dat ik kreeg na iedere realisatie die impact op me maakte, voel ik nu ik dit typ weer opkomen. Een misselijk gevoel, een beetje verstikkend, alsof ik even uitzone. Alsof de vloer onder mij vandaan wordt getrokken, alleen dan heel eventjes.
MOMENT SUPREME
Ik probeer altijd een goede vriendin te zijn voor mijn vrienden en in te schatten wat er van mij wordt verwacht. Dat betekent voor mij dat ik probeer te handelen zoals ik denk dat er van mij wordt verwacht, op basis van mijn eigen interpretatie en eerdere ervaringen.
Mijn moment van crashen kwam nadat ik te horen kreeg dat ik in een sociale situatie anders had moeten handelen. De manier van handelen, wat ik had bedacht en had berekend op basis van alle informatie die ik had verzameld, bleek dus niet te kloppen.
Dingen zijn ook niet zo zwart-wit en uit te calculeren. In de omgang met andere mensen kunnen misverstanden ontstaan. Je praat erover, je praat het uit, je leert elkaar beter kennen en je gaat door.
Maar zo werkt het helaas niet in mijn hoofd.
Teeeringgg, niet wéér dit. Dacht ik.
Het was zó lang geleden dat ik een sociaal misverstand had meegemaakt. Ik dacht dat ik inmiddels, in mijn volwassen leven, de code wel had gekraakt. (Relatie-issues niet meegerekend.)
Ik had het gevoel dat ik had gefaald. Ik was boos op mezelf, verdrietig en wilde me afzonderen.
In de dagen die volgden, voelde ik mezelf langzaam achteruitgaan. De impact van die situatie werd steeds groter en steeds meer voelbaar.
Ik stelde mijn vrienden gerust. Het was oké wat er was gebeurd. Wij waren oké. Ik had alleen even tijd nodig.
Ik dacht te weten waardoor het kwam en legde uit wat volgens mij de oorzaak was. Natuurlijk bleek dat niet de juiste verklaring te zijn, maar ik ben nu eenmaal super oplossingsgericht en wil dingen het liefst per direct begrijpen.
Ik had vrede met de verklaring die ik zelf had bedacht. Ook vond ik het prima dat ik even een weekje rustig aan moest doen.
Maar na een week ging het niet beter. Het ging langzaam slechter.
Oké, misschien dan maar een maandje vrij.
Mijn hoofd kon niet meer nadenken. Ik kon mentaal geen verbanden meer leggen, fysiek niet langer lopen dan een blokje om. Mijn benen voelden loodzwaar. Ieder geluid van een auto die te hard reed, was een directe trigger. Ik kon geen Netflix kijken, of op mijn telefoon scrollen. Alles was een overload. Binnen lag ik alleen maar in bed, wisselen van zij was precies genoeg activiteit voor de dag. Buiten met de hond was een paar meter alles was ik kon, met headphones en zonnebril. Ik voelde me super onzeker en schichtig.
Reactie plaatsen
Reacties